Alle foto’s, schilderijen en tekeningen bestaan uit lichte en donkere vlakken. Deze verschillen in licht en donker noemen we contrast. Wanneer je alleen kijkt hoe licht of donker een vlak is dan noemen we dat toonwaarde.
Een van de meest voorkomende fouten van kunstenaars met weinig ervaring is het gebrek aan verschillende toonwaarden in hun werken. Je wilt zo veel mogelijk verschil in licht en donker om een krachtig beeld met veel diepte te scheppen.
Bij deze twee tekeningen valt gelijk op hoe de rechter versie veel beter en krachtiger overkomt dan de linker. Dit komt door het contrast: de donkere delen zijn heel donker, en de lichte stukken heel licht. Omdat de linker afbeelding alleen lichte vlakken heeft mist het diepte.
Een simpele manier om toonwaarde te visualiseren is door een schaal te maken met 10 stappen. Op deze schaalverdeling gebruikt de linker afbeelding slechts 5 stappen terwijl de rechter foto bijna alle 10 stappen gebruikt.
Bijna iedereen denkt dat kunst maken alleen maar over kleur gaat. Maar in de praktijk is licht en donker veel belangrijker. Het maakt niet uit hoe handig je met kleur omgaat, als de toonwaarden niet goed zijn dan zal een kunstwerk niet overtuigend overkomen. Het tegenovergestelde is ook waar.
Dit kunstwerk heeft geen kleur, het is puur zwart en wit. Maar je kunt heel duidelijk de vormen zien, het licht, de schaduwen, en de structuur van het stenen oppervlak. Dat heeft niks met kleur te maken en alles met hoe je licht en donker balanceert.
Toonwaarden inschatten van foto’s en van de werkelijkheid kan moeilijk zijn omdat het beeld dat we met onze ogen zien bewerkt word door onze hersenen.
Vlak A en B in deze afbeelding zijn exact gelijk in toonwaarde. Ze zijn dus even donker. Dit lijkt onvoorstelbaar, maar het is echt waar. Bedek de hele afbeelding behalve die twee vlakken en je zult zien dat het echt zo is. We noemen dit een gelijktijdige contrast illusie. Dit effect zie je bijna overal zonder ervan bewust te zijn. Je kunt je voorstellen dat dit vreselijk onhandig is als je een kunstwerk maakt.
Gelukkig is er is een makkelijke manier om dit te omzeilen. Als je je ogen half dicht knijpt zie je alleen nog sterke verschillen in toonwaarde. Kijk op deze manier naar je referentie en je kunstwerk. Zo kun je heel snel peilen of een foto of kunstwerk veel contrast heeft. Probeer dit trucje ook maar eens op de afbeeldingen in deze pagina.
Tip: Vind je het met dichtgeknepen ogen nog steeds lastig te zien, dan kun je als alternatief ook meer afstand nemen tot het kunstwerk of foto. Omdat je geen details meer ziet op grotere afstand word het contrast tussen de grote vlakken duidelijker.
Veel ervaren kunstenaars maken eerst een heel simpele toonwaarde studie van een werk voor ze er echt mee aan de slag gaan. Je hebt hiervoor een digitale foto nodig. Heb je die niet dan kun je er een maken van je referentie, zelfs als je van de werkelijkheid werkt.
Nadat je een onderwerp hebt gekozen ga je vervolgens eerst bepalen hoe licht en donker de vlakken ongeveer moeten worden, en daarna maak je de afbeelding zwart-wit om de toonwaarden makkelijker te kunnen zien. Veel foto bewerkings programma's hebben een filter om dit heel makkelijk te maken. Ik gebruik zelf Krita en GIMP. Deze programma’s zijn gratis en veelzijdig.
In Krita:
Filter - Artistic Index Colors – maak alle gekleurde vlakken onder ‘Ramps’ zwart of wit. Ga Vervolgens naar Adjust - Levels en sleep de buitenste pijltjes van Input Levels meer naar het midden toe.
In GIMP:
Afbeelding – Modus – Geïndexeerd – Gebruik Aangepast palet (web). En daarna: Modus – Grijswaarden.
Eventueel kun je in GIMP ook de toonwaarde niveaus aanpassen net als in Krita. Ga naar Kleuren - Niveaus en sleep de buitenste pijltjes van Invoerniveaus meer naar het midden toe.
Op deze manier heb ik snel een 4 stappen toonwaarde studie gemaakt van een vogel als voorbeeld. Je ziet hoe de foto vrij licht is en de vogel zelf is nauwelijks donkerder, zowel in het origineel als in de toonwaarde studie ernaast.
Dat is niet ideaal, maar stel nou dat je een klein stukje van de achtergrond rondom de vogel lichter zou maken, dan lijkt het al veel beter. De vogel zelf kan eventueel ook nog een of twee stappen donkerder gemaakt worden voor maximum contrast. Dit is een heel simpele, maar ook zeer belangrijke en effectieve manier om een beter kunstwerk te maken. Je moet bereid zijn soms dingen iets aan te passen om het beste resultaat te behalen.
Als je zo’n toonwaarde studie heb gemaakt dan weet je ongeveer hoe licht en donker de grote vlakken moeten worden. Maar zodra je details en textuur gaat toevoegen kun je makkelijk de draad kwijtraken. Zoals eerder vermeld, je brein heeft een trucje om je meer contrast te laten zien dan er in werkelijkheid is. Dus hou in gedachten dat je de toonwaarde kunt variëren in een bepaald gebied, maar blijf je wel aan het gemiddelde houden van zo’n vlak.
Het is ook goed om af en toe naar het kunstwerk te blijven kijken op een afstand of met half dichtgeknepen ogen om jezelf te controleren of er genoeg contrast is.
Niet alleen het totale contrast is belangrijk, maar ook de verhouding tussen verschillende delen van een werkstuk. Zo kun je ervoor kiezen bepaalde stukken lichter en andere juist wat donkerder te maken voor een bepaald effect. Een veel gebruikte techniek is de achterste delen van een landschap heel licht te houden, en het grote contrast met veel donker en licht op de voorgrond te zetten. Dit creëert veel diepte.
Bij een lichte achtergrond wil je het hoofdonderwerp donker maken - en andersom voor maximaal effect. Natuurlijk kan het voorkomen dat je naar een referentie werkt van een dier dat opgaat in de omgeving door camouflage. Maar in vrijwel alle gevallen wil je het contrast zo groot mogelijk maken, ook al toont een referentie foto dat niet.
De omgeving om je heen kun je zien omdat alles licht reflecteert. Je ogen zijn vooral gevoelig voor de hoeveelheid van licht. Hoe meer licht iets reflecteert hoe lichter wij dat waarnemen. Daarom heeft alles wat je ziet een bepaalde toonwaarde.
Licht en schaduw in de echte wereld heeft een enorm contrast vele malen sterker dan een plat kunstwerk op een doek of stuk papier ooit zal hebben. Ook al zou je het maximum contrast met het uiterste zwart en het lichte wit gebruiken om een illusie van een driedimensionaal beeld te maken, dan nog kom je nooit in de buurt van de enorme contrastverhouding van de werkelijkheid.
Voordat ik zelf actief bezig was als kunstenaar dacht ik altijd als je het contrast groter maakt dan wat een foto toont, het kunstwerk onrealistisch wordt. Ik beschouwde deze manier van werken als een soort vals spelen. Nu ik een aantal jaren serieus kunst beoefen weet ik dat ik het destijds totaal mis had.
Ik raad juist aan de verschillen in toonwaarden bijna altijd te overdrijven, ook al lijkt het misschien verkeerd. Want de werkelijkheid heeft altijd meer contrast dan een kunstwerk, dus je houd jezelf alleen tegen maar als dit niet doet.